Benjamin Gudema

Tim van Viersen, Havo 4 leerling van Scholengemeenschap Ubbo Emmius uit Stadskanaal, stelde een portret samen van Benjamin Gudema (1906). Op een bijzondere wijze wist Benjamin aan een goede functie in kamp Westerbork te komen. Het was één van de redenen waarom hij tot de bevrijding in Westerbork kon achterblijven.

Een paardenrace in de jaren dertig.

Benjamin Gudema

Benjamin Gudema werd geboren op 25 november 1906 in Oude Pekela. Benjamins vader was een koopman in pluimvee en Benjamin was één van de vijf kinderen die het gezin rijk was. Zijn twee broers Aaron en David zouden net als Benjamin de oorlog overleven. Zijn drie oudere zussen Esther, Rebekka en Sara – zijn ouders waren al voor de oorlog overleden – werden in 1942 met hun families in het vernietigingskamp Auschwitz-Birkenau vermoord.

Vanwege zijn huwelijk met de niet-Joodse Ekkeline Koopmans werd Benjamin lange tijd door de nazi’s met rust gelaten. In 1944 besloten de Duitse autoriteiten om deze groep met gemengd-gehuwde Joden, die destijds bestond uit enkele duizenden mannen en vrouwen, deels alsnog op te pakken. Op 5 juni 1944 werd Benjamin naar kamp Westerbork gebracht.

Met al zijn ervaring lukte het Benjamin vervolgens om het paard weer in het gareel te krijgen. Hierna werd hij benoemd tot hoofdverzorger van de paarden in het kamp.

Voor de Tweede Wereldoorlog had Benjamin een vrij uniek beroep: hij was een professioneel jockey.
Kort na aankomst in Westerbork zag Benjamin een Duitse bewaker één van de paarden in het kamp slaan omdat hij niet voldoende meewerkte. Benjamin stapte om de bewaker af en zei tegen hem dat dit niet de juiste manier was om met het dier om te gaan. De Duitser schreeuwde, enigszins verhit: ‘En jij denkt dat je het beter kan?’ Benjamin’s antwoord was even kort als krachtig: ‘Jazeker!’ Met al zijn ervaring lukte het Benjamin vervolgens om het paard weer in het gareel te krijgen. Hierna werd hij benoemd tot hoofdverzorger van de paarden in het kamp.

Zijn functie en zijn status als gemengd gehuwde man, waren twee belangrijke redenen waarom Benjamin uiteindelijk bijna een jaar van transport naar het Oosten gevrijwaard wist te blijven.
Kort na de bevrijding mocht hij uit kamp Westerbork vertrekken en keerde Benjamin terug bij zijn vrouw en twee dochters Betje en Frouwke.