Betsie van den Bergh

Carlijn Boer en Riekie Schildmeijer van het Ubbo Emmius uit Stadskanaal (Havo 4) maakten een presentatie over de levensloop van kunstenares Betsie van den Bergh (1919) die lange tijd in kamp Westerbork gevangen zat.

Betsie van den Bergh.

Betsie van den Bergh

‘In Westerbork werden we met ongeveer 1.500 mensen naar onze barak gebracht. Ik begreep niet hoe we daar allemaal ingingen en konden eten en leven. Er stonden ijzeren bedden, drie hoog en een eettafel en wat stoelen. Ik koos een driehoog bed omdat je dan aan de balken je kleren op kon hangen. Als je bezoek kreeg zat men daarboven aan het voeteneind. Dat was heel gewoon. De mensen die op de begane grond sliepen ontvingen mensen aan de eettafel tussen de bedden.

Betsie op latere leeftijd.

Ik werkte op de speelgoedafdeling, om zes uur moesten we opstaan en om zeven uur beginnen. We schuurden houten beesten die we daarna beschilderden. Steeds 150 stuks per dag. Dat speelgoed ging naar Duitsland. Daar ik heel snel werkte, kreeg ik mijn kwantum makkelijk af en maakte voor allerlei mensen beschilderde broches of sleutelhangers. Ik werd dus een algemeen bekende “kunstenares”. Zelfs commandant Gemmeker wist van mijn bestaan; voor verjaardagen van zijn collega’s moest ik verjaardagswensen ontwerpen. Zelf kwam hij daar niet over praten, maar wel kwam hij met zijn vriendin een keer langs om haar te laten zien wat ik tekende. Hij stelde zich toen voor en deed erg “leuk”.

Op 12 april kregen we te horen dat de Canadezen eraan kwamen. We holden allemaal naar het hek aan de heidekant. Het was zo emotioneel daar plotseling een heel leger te zien aankomen. Van één van de soldaten hoorde ik dat mijn naar Canada geëmigreerde oom Sidney een generaal was! En hij zou langs komen om mij te bezoeken. Drie dagen later was hij er. Het was bijzonder om hem te zien. Via hem kregen ik al snel toestemming om het kamp te verlaten.’


 

Pagina 1.

Pagina 2.

Pagina 3.

Pagina 4.

Pagina 5.

Bergh, Betsie 6

Pagina 7.

Pagina 8.