Jimmy Askenas & Herman Kirschen

Onder historici is nog altijd een discussie gaande of hij een held of schurk is geweest. Friedrich Weinreb was al tijdens de oorlog een controversieel figuur, waar verschillende bevrijde gevangenen van kamp Westerbork mee te maken kregen.

De registratie in kamp Westerbork, 1943

Jimmy Askenas & Herman Kirschen

Het oorlogsrelaas van Friedrich “Freek” Weinreb (1916) geldt als één van de meest wonderbaarlijke van de Tweede Wereldoorlog. In 1941 weet Weinreb een fictief emigratiebureau op te zetten en creëert hij een niet bestaande Duitse generaal. Joden die zich bij hem laten registreren, spiegelt hij voor dat zij hun deportatie op deze manier kunnen uitstellen. En het werkt, althans gedeeltelijk. Als de nazi’s de list van Weinreb in 1944 te lijken doorzien duikt hij onder. Friedrich weet op deze manier de Tweede Wereldoorlog te overleven.

Na de bevrijding breekt een nog altijd niet beëindigde controverse uit of Friedrich Weinreb als collaborateur of als held moet worden beschouwd. Een tijdlang weet hij de nazi’s voor de gek te houden en betekent een plaats op zijn lijst inderdaad een voorlopige vrijstelling van transport. Weinreb wenst en krijgt hiervoor echter grote sommen geld. Daarnaast blijkt de Weinrebsperre in de praktijk voor de meeste mensen uiteindelijk weinig waard. Zij worden alsnog weggevoerd.

Na de oorlog wordt Friedrich Weinbreb opgepakt en moet hij in 1948 voor de rechter verschijnen. Naast de vele getuigen die komen opdagen om tegen hem te ageren, zijn er ook enkele mensen die voor Weinreb pleitten. Onder deze categorie valt bijvoorbeeld magazijnbediende Herman Kirschen (1894). De van oorsprong Poolse Kirschen komt eind jaren dertig als vluchteling Nederland binnen. Hij zoekt zijn heil in Groningen waar hij in de zomer van 1942 de oproep krijgt om zich te melden voor arbeid in het Joodse werkkamp Kloosterhaar. Als de werkkampen in oktober van dat jaar worden leeggehaald, wordt Kirschen met ruim 15.000 anderen naar Westerbork gebracht.

Aschekenas is klein, wat voller, zonder echter de indruk van gezetheid te geven. Hij is anders donker. De huidskleur is eerder flets; alleen het vele haar is donker. Hij stelt zich voor, met de Duitse buiging, en zegt met nadruk dat hij Shimmy Aschenas heet.

In kamp Westerbork wordt Kirschen in eerste instantie gespaard van deportatie. Als veteraan van de Eerste Wereldoorlog komt hij terecht op de speciale Frontkaemfer-lijst, wat hem de stempel bis auf weiteres oplevert. Zijn positie in het kamp weet Kirschen te versterken door zijn functie: als lid van de Ordedienst behoort hij tot de upper ten van Westerbork. Hij werkt er de langste tijd als assistent-leider van het strafgedeelte. In deze hoedanigheid is hij een tijdlang bewaker van onder andere Anne Frank en haar familie.

Begin 1944 – zijn Frontkaemfersperre is inmiddels opgeheven – hoort Kirschen van de lijst van Friedrich Weinreb. Als hoofd van zijn eigen emigratiebureau is Weinreb in het najaar van 1943 naar Westerbork vertrokken. Hier geeft men hem de kans een dependance van zijn bureau op te zetten, een project waarvoor hij twee assistenten krijgt toegewezen: Hans Bromet en Jimmy Askenas (1904). Deze laatste verblijft sinds november 1939 in het kamp. Al die tijd is Askenas werkzaam op de kampregistratie.

In zijn controversiële memoires beschrijft Weinreb zijn eerste indrukken van zijn nieuwe assistent Askenas.

‘Aschekenas is klein, wat voller, zonder echter de indruk van gezetheid te geven. Hij is anders donker. De huidskleur is eerder flets; alleen het vele haar is donker. Hij stelt zich voor, met de Duitse buiging, en zegt met nadruk dat hij Shimmy Aschenas heet. Misschien dat ik door dat Shimmy, dat mij vaag aan de naam van een dans doet denken, uit de dagen van mijn jeugd, in Aschkenas iets herken van een uitgaanstype, iemand met een functie in het nacht en plezierleven. Nee, hij gedraagt zich ook zo. Duits-vlot, wat heupwiegend; zijn praten heeft hij ook bij ernstige zaken, tegelijkertijd dat relativerende, dat “Lebersmanner” vaker over zich hebben. Enerzijds doet Aschkenas wat goor en groezelig aan, anderzijds is hij toch ook een man van de wereld, beweegt hij zich zelfbewust, praat hij met gezag.’

Jimmy Askenas (uiterst links) in kamp Westerbork.

Herman Kirschen meldt zich op 20 januari 1944 – tegen betaling – aan voor een plaats op Weinreb-lijst. Het houdt hem ruim twee weken uit het transport naar het Oosten. Op 3 februari wordt de lijst alweer geplatzt. Door zijn positie bij de OD weet Herman Kirschen alsnog in Westerbork de bevrijding mee te maken.

Na de werkzaamheden voor Friedrich Weinreb hervat Jimmy Askenas in februari 1944 zijn taak bij de administratie van kamp Westerbork. Na de oorlog mag Askenas in juni 1945 Westerbork verlaten.