Levi & Ennie Pais

Piet Zwikker kwam als boer uit de Zaanstreek in de jaren zestig wel eens in de winkel van Levi Pais (1904) in Zaandam. Wat hij toen niet wist was dat Levi en zijn vrouw Ennie Pais-Rood (1909) overlevenden waren van kamp Westerbork.

Werken in de buitendienst, 1943.

Levi & Ennie Pais

Het zal in de tweede helft van de zestiger jaren zijn geweest dat ik een keer bij hem in de winkel ben geweest. Ik herinner me een ruimte achter de winkeldeur waarvan de vloer vol lag met allerlei spullen zoals kettingen, touw en ijzerwerk. Wat ik toen bij hem gekocht heb weet ik niet meer, maar het zal waarschijnlijk een stuk ketting of misschien een grote D-sluiting geweest zijn die we nodig hadden op onze boerderij aan de Westzanerdijk 428.

De winkel van Levi Pais, genaamd magazijn “De Kotter”, lag aan de Hogendijk. Iets ten zuiden van de winkel van Levi Pais staat het Blauwe Huis, door de Franse schilder Claude Monet in 1871 tijdens zijn verblijf in Zaandam op doek gezet. Levi Pais moet vele malen langs dit Blauwe Huis zijn gegaan op weg naar de haven van Zaandam. Hij was handelaar in scheepsbenodigdheden, touw en teer. Levi Pais had een klein sleepbootje waarmee hij langs de schepen in de haver voer om zijn spullen te verkopen. Hij ging graag om met de schippers en andere zeelui. De schepen kwamen vaak uit Rusland, Finland en de Baltische Staten om hout en balken te brengen naar de haven van Zaandam.
Levi Pais had de zaak overgenomen van zijn ouders Aron Pais en Rebecca Pais-Blitz, die in 1896 vanuit Harlingen naar Zaandam kwamen. Zij hadden op de Hogendijk 67a ook nog een opslagplaats. Volgens de overlevering zou Aron Pais, toen hij uit Friesland in Zaandam kwam wonen, eens gezegd hebben: ‘hoe meer kinderen ik krijg, hoe meer zegen.’ Het echtpaar kreeg tien kinderen, waarvan een tweeling kort na de geboorte is overleden. Levi Pais was het vierde kind. Hij trouwde op 20 december 1939 met Enny Rood. Enny deed de administratie in het bedrijf van haar man.

Rond het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog verhuisden Levi en Enny naar de Tuinstraat 62.

Zaandam werd door de Duitsers geselecteerd als proefgemeente voor evacuatie van Joodse inwoners naar Amsterdam. In januari 1942 ging die proef van start. Men moest zich tussen 17 en 19 januari melden op de nieuwe Keizersgracht in Amsterdam, bij het bureau ‘Evacuatie Zaandam’ van de Joodse Raad. De Raad zou helpen bij voorlopige onderbrenging in de hoofdstad.
Levi en Enny Pais doken echter eerst korte tijd onder bij buren op Tuinstraat 66 in Zaandam. Toch gingen ze later naar Amsterdam waar ze woonden in de Haringvlietstraat 15. Enny was toen werkzaam als secretaresse van de Joodse Raad. Door deze contacten kon het echtpaar nog lang in Amsterdam blijven, maar uiteindelijk kwamen ze toch met het laatste grote transport vanuit Amsterdam, op 29 september 1943, naar kamp Westerbork. Met dit transport gingen ook de leiders van de Joodse Raad, de heer Asscher en Cohen, mee.

Levi zei dan tegen mij: “denk erom, jij moet je vingers nog gebruiken na de oorlog. Jij mag de kleine takjes van de bomen die wij omgezaagd hebben bij elkaar rapen. Denk erom dat ze zo klein mogelijk zijn!” Ik zei tegen hem: “wie zegt dat ik de oorlog overleef?” Hij antwoordde: “wij overleven die oorlog!”

In kamp Westerbork kreeg Levi een naar omstandigheden goede baan bij de buitendienst, waar hij bomen moest snoeien en kappen. De later bekende violist Benny Behr herinnerde zich Levi als een sterke vent. ‘Levi zei dan tegen mij: “denk erom, jij moet je vingers nog gebruiken na de oorlog. Jij mag de kleine takjes van de bomen die wij omgezaagd hebben bij elkaar rapen. Denk erom dat ze zo klein mogelijk zijn!” Ik zei tegen hem: “wie zegt dat ik de oorlog overleef?” Hij antwoordde: “wij overleven die oorlog!”‘

En… het echtpaar overleefde de oorlog. Dat kwam waarschijnlijk door de functie van Enny als secretaresse van de Joodse Raad en de goede functie van Levi bij de buitendienst. Hen bleef transport naar een vernietigingskamp bespaard. Na een verblijf van ruim anderhalf jaar in kamp Westerbork werden ze er bevrijd. De vader en moeder van Levi en zijn broers Abraham, Benjamin, Gabriël en Adam waren wel op transport gegaan. Zijn broer Adam zat in de laatste trein die vanuit Westerbork naar Auschwitz vertrok. Dit was op zondag 3 september 1944. In diezelfde trein zat ook Anne Frank. De familieleden die waren weggevoerd zouden de oorlog niet overleven.

Ongeveer een maand na de bevrijding vertrok het echtpaar Pais vanuit kamp Westerbork weer naar Zaandam. Zij woonden eerst enige tijd bij zijn broer Jos in op Hogendijk 28. Na een tijdje richtten zij hun oude zaak weer in en hadden een magazijn op Hogendijk 46.

In juli 1972 stopte het echtpaar Pais met hun winkel. Levi Pais overleed op 27 juni 1973 in Zaandam, na een langdurig ziekbed op de leeftijd van 68 jaar. Levi Pais schijnt een optimistische man met veel gevoel voor humor te zijn geweest. Zijn familie vermelde in de rouwadvertentie ‘gedurende zijn leven heeft hij ons veel vreugde gegeven.’ Zijn vrouw Enny Pais-Rood stierf op 7 maart 1975. Beiden zijn begraven op de Portugees Israëlitische begraafplaats te Ouderkerk aan de Amstel. Het echtpaar had geen kinderen maar wel een pleegdochter.