Sally & Reina Meijer

De in Delft geboren Sally Meijer kwam op 5 februari 1945 samen met zijn vrouw Reina Meijer-Stibbe in kamp Westerbork terecht. Sally maakte hier op 12 april 1945 de bevrijding mee en schreef kort daarna zijn herinneringen over zijn onderduiktijd, arrestatie en verblijf in Westerbork op. Dit portret is geschreven door geschiedenisstudente Jessica Benjamins met hulp van Renate Meijer, Anne-Fleur Bick en Emma Kwant, scholieren van de Ubbo Emmius Scholengemeenschap uit Stadskanaal.

Reina Meijer Stibbe
Reina Meijer Stibbe

Sally & Reina Meijer

Sally Meijer (1898) was getrouwd met Reina Stibbe (1903). Samen hadden zij twee dochters: Carla (1928) en Anita (1929). Het gezin Meijer dook in mei 1943 onder. Sally en Reina kwamen terecht in Den Haag, in het huis van een zekere mevrouw Welter. Carla werd ondergebracht in Heerlen en Anita in Eindhoven. Beide dochters overleefden daar de oorlog. Zij zouden hun ouders pas na de bevrijding weer terug zien. Op 26 januari 1945 werden Sally en Reina opgepakt en naar het Oranjehotel gebracht. Zeven dagen later volgde het transport naar Westerbork.

Carla en Anite Meijer
Carla (links) en Anita Meijer, dochters van Sally en Reina.

Op 17 april, enkele dagen na de bevrijding van kamp Westerbork, begint Sally met het opstellen van een persoonlijk verslag over de afgelopen maanden. Hierin komen zijn arrestatie, het verblijf in de gevangenis, de reis naar Westerbork, zijn verblijf in het kamp en de bevrijding aan bod.

Sally beschrijft dat hij en zijn vrouw het erg goed hadden op hun onderduikadres. Op 1 januari 1945 werd de straat waar het echtpaar Meijer zat ondergedoken, echter getroffen door een V2 raket, een nieuw wapen van de nazi’s ontwikkeld en ingezet om de oorlog toch nog te kunnen winnen. Zes huizen waren totaal vernield en nog vele anderen waren onbewoonbaar geworden. Sally en Reina waren bang om bij het onderzoek, wat na de inslag met grote zekerheid zou volgen, ontdekt te worden en doken tijdelijk op een andere locatie onder. Op 5 januari keerden zij weer terug bij mevrouw Welter. Het verblijf daar zou uiteindelijk niet lang meer duren, want op 26 januari stond de SD voor de deur en werden Sally en zijn vrouw opgepakt.

Na een paar dagen in de gevangenis te hebben gezeten werd het echtpaar Meijer doorgezonden naar Westerbork. In verband met het risico op aanvallen vanuit de lucht kon er alleen ’s nachts worden gereisd. De reis zou al met al een aantal dagen duren. Bij aankomst in Westerbork werd het echtpaar Meijer naar barak 5 doorgestuurd. Reina werd ingedeeld in de aardappelkeuken en Sally moest werken in de houtgroep. Vanwege hun onderduikverleden werd het echtpaar Meijer vervolgens veroordeeld tot de strafbarak. Reina wist hier aan te ontkomen: door ziekte kwam zij niet in de strafbarak, maar juist in het ziekencomplex terecht.

Naarmate de bevrijding dichterbij komt laten de Duitsers zich, aldus Sally, minder in het kamp zien waardoor het werk, dat vooral voor de strafgevangenen zwaar is, een stuk aangenamer wordt.

Sally beschrijft uitgebreid het leven in kamp Westerbork. Zo valt hem onder andere op dat er in de kampwinkel nog producten te krijgen zijn, waar men in de steden niet meer aan kan komen.

Naarmate de bevrijding dichterbij komt laten de Duitsers zich, aldus Sally, minder in het kamp zien waardoor het werk, dat vooral voor de strafgevangenen zwaar is, een stuk aangenamer wordt. Op 10 april, twee dagen voor de bevrijding van het kamp, wordt Sally uit de strafbarak ontslagen. Over het daadwerkelijke moment van de bevrijding schrijft Sally het volgende:

‘Wij waren allen opgeroepen ’s middags te komen in de grote zaal, waar de nieuwe Hollandse commandant, de heer van As Jr., ons zou toespreken; dit deed hij en vroeg de medewerking van alle kampingezetenen om gewoon aan het werk te blijven. Toen hij zowat aan het einde van zijn toespraak was gekomen werd er plotseling geroepen: “telefoon voor den heer van As, de Canadezen zijn in het kamp aangekomen.” Dat was een moment dat wij nooit zullen vergeten, allen renden de zaal uit de weg op om toch vooral de aankomst bij te wonen. Ook ik rende mede en kwam al spoedig eerste lichte gevechtswagens tegen; met anderen klom ik hierop en reed triomfantelijk het kamp binnen; het gejuich en enthousiasme was enorm, het geluksgevoel eindelijk werkelijk uit de handen der moffen te zijn, onbeschrijfelijk.’

Het verslag van Sally eindigt met woorden over het wachten tot hij en de andere kampbewoners eindelijk het kamp mogen verlaten en echt kunnen gaan genieten van de vrijheid waar ze al vijf jaar naar hunkeren. Dit zal voor Sally gebeuren op 30 april 1945, ruim twee weken na de bevrijding van Westerbork.

‘En onze gedachten zullen dan vaak vertoeven bij dit met tranen gedrenkte stukje grond, waar weliswaar nimmer iemand werd mishandeld, maar waar vele tienduizenden dagelijks in angstige spanning hebben verkeerd tot ook voor hen het tragische ogenblik was aangebroken om de reis naar het Oosten te moeten aanvaarden, vanwaar, naar wij vurig hopen velen mogen terugkeren.’

Op 23 februari 1983 overleed Sally Meijer in Amsterdam, op 84-jarige leeftijd. Reina was al enkele jaren na de oorlog, in 1948, komen te overlijden.